Je steekt je hand uit en je hond legt er even zijn poot in. Een eenvoudig kunstje, maar ook een leuk moment samen. Je hond een poot leren geven lukt het prettigst wanneer hij de beweging zelf maakt.
Je hoeft zijn poot niet op te tillen om hem te laten voelen wat je bedoelt. Hieronder lees je hoe je een kleine vrijwillige beweging beloont, daar een aanwijzing aan koppelt en voorkomt dat oefenen krabben wordt.
Een ontspannen start met een kleine beloning
Oefen wanneer je hond rustig en wakker is, op een vloer met goede grip. Leg een klein snoepje klaar en ga dichtbij hem zitten. Kies een formaat dat snel gegeten is, zodat jullie niet na iedere poging lang hoeven te wachten.
Een ontspannen zithouding kan handig zijn, maar dwing die niet af wanneer zitten ongemakkelijk is. Het gaat om een plezierige samenwerking. Niet iedere hond vindt aanraking aan zijn poten meteen prettig.
Beloon het eerste kleine optillen
Sommige honden heffen vanzelf een poot wanneer je rustig je hand dichtbij aanbiedt. Beloon al dat kleine begin. Je kunt ook een spontaan optillen op een rustig moment gebruiken: een kort “goed” en meteen een hapje maakt duidelijk welke beweging iets opleverde.
Begint je hond aan je hand te krabben, haal haar dan rustig weg en maak de volgende poging eenvoudiger. Laat hem niet lang op een gesloten vuist met voer werken. Het kunstje hoeft geen wedstrijd te worden om bij een beloning te komen.
Laat zijn poot op je open hand terechtkomen
Wanneer hij gemakkelijk zijn poot optilt, houd je een open hand laag genoeg om die even op te vangen. Beloon direct bij het lichte contact. Houd de poot niet vast, knijp niet en trek haar niet naar je toe.
Een kort aanraken is aanvankelijk genoeg. Je hond moet zijn poot weer vrij kunnen terugtrekken. Langer contact komt pas later, als hij zelf ontspannen blijft meedoen. Een stevige menselijke handdruk is niet het doel.
Koppel een herkenbare aanwijzing aan de beweging
Gaat het contact met je hand gemakkelijk, zeg dan “poot” net voordat je haar aanbiedt. Beloon de bekende beweging. Gebruik hetzelfde woord en een vergelijkbaar gebaar, zodat je hond niet iedere poging een nieuwe aanwijzing moet uitzoeken.
Zegt het woord hem nog weinig, help dan met het gebaar dat hij begrijpt. Blijf de aanwijzing niet herhalen terwijl er niets gebeurt. Een nieuwe, eenvoudige poging leert meer dan steeds nadrukkelijker om dezelfde poot vragen.
Stop voordat je hond er genoeg van heeft
Een paar geslaagde pogingen zijn voldoende voor een oefenmoment. Leg de beloningen daarna weg en geef hem ruimte om iets anders te doen. Enthousiast blijven proberen is niet nodig omdat het kunstje toevallig snel lukt.
Wegdraaien of zijn poot terugtrekken is een reden om te pauzeren. Wordt aanraking ineens duidelijk gevoelig of loopt hij anders, laat dan de dierenarts beoordelen of er ongemak is. Een pijnlijke poot hoort niet verder geoefend te worden.
Poot geven is iets anders dan poten verzorgen
Een hond kan graag dit kunstje uitvoeren en toch moeite hebben met nagels knippen of zijn poten afdrogen. Dat zijn andere handelingen, met andere aanrakingen. Bouw verzorging daarom apart op, in kleine stappen die hij aankan.
Zie poot geven vooral als een kleine gezamenlijke bezigheid. Hij hoeft het niet bij iedereen of op ieder moment te doen. Wanneer hij ontspannen zijn poot aanbiedt en jij vriendelijk reageert, is het kunstje precies leuk genoeg zoals het is.



