De Nieuwe Hond De Nieuwe HondMagazine & gids
← Alle hondenrassen
Kleine Spitz
Kleine Spitz - Depositphotos

Kleine Spitz

De Kleine Spitz (Kleinspitz) is een van de kleinere maatvariëteiten binnen de Duitse spitsfamilie, een compacte gezelschapsspits met een dichte dubbele vacht, een opvallend vossensnoetje en een hooggedragen pluimstaart over de rug.

Hij is hartelijk, levendig en sterk gehecht aan zijn vaste mensen, met een uitgesproken waakzame en alerte aard tegenover vreemden. Het is een rashond met een eigen mening die regelmatige vachtverzorging en dagelijkse aandacht vraagt.

Inhoud

Algemeen rasbeeld

In het kort

  • FCI nr. 97 - groep 5 (Spitsen en oertype-honden), sectie 4 (Europese spitsen)
  • Herkomst: Duitsland
  • Schofthoogte: 23-29 cm
  • Gewicht: in verhouding tot de schofthoogte, met nadruk op een compacte, handzame bouw
  • Levensverwachting: niet breed vastgelegd, afhankelijk van lijn, conditie en verzorging
  • Vacht: dubbele vacht met lange, rechtopstaande dekvacht en wollige ondervacht, met manenkraag
Rasnaam & herkenning
  • Gangbare naam: Kleine Spitz
  • Andere benamingen: Kleinspitz
  • Officiële FCI-naam: Deutscher Spitz, variëteit Kleinspitz

Bron rasbeeld (bouw, vacht, officiële naam): FCI-rasstandaard nr. 97 (Deutscher Spitz, variëteit Kleinspitz).

Geschiedenis

De Kleine Spitz is een van de maatvariëteiten van de Duitse spits, een oude Europese spitsfamilie. Spitsachtige honden werden in heel Duitsland lang gehouden als waakhond op boerderijen, hoeven en in stadshuizen, en als trouw gezelschap voor het hele gezin.

Generaties later groepeert de rasstandaard de Duitse spitsen in verschillende maten, van Wolfsspitz tot Dwergspitz. De Kleine Spitz vertegenwoordigt de kleinere maatvariant, een populair gezelschapshondje dat charme combineert met een handzaam formaat.

Karakter van de Kleine Spitz

Sterke punten

Achter zijn vrolijke voorkomen zit een levendige, alerte kleine Duitse spits met een mensgericht karakter en een sterke band met zijn gezin. De Kleine Spitz meldt vreemden snel en luid, maar gedraagt zich zelden agressief, en met bekenden is hij speels en aanhankelijk. Tegenover andere honden gaat hij meestal vlot om bij goede gewenning. Hij is leergierig in korte sessies en zelfbewust genoeg om niet snel onderdanig te zijn.

  • Vrolijk, alert en mensgericht, aanhankelijk binnen het gezin.
  • Goed meldend zonder snel agressief te zijn.
  • Leergierig in korte, afwisselende training.
  • Sociaal naar bekenden bij goede gewenning.

Aandachtspunten

  • Kan veel blaffen op prikkels. Stuur dit van jongs af aan bij.
  • Eerst afwachtend naar vreemden. Rustige gewenning helpt.
  • Zelfbewust en niet snel onderdanig. Consequente opvoeding nodig.
  • Sterke nabijheidsbehoefte. Lang alleen blijven valt zwaar.

Beweging en opvoeding

Beweging

Voor een Kleine Spitz reken je op meerdere korte tot middellange wandelingen per dag met variatie en snuffelmomenten, want hij houdt van afwisseling. Lange sporttochten zijn niet nodig. Bij jonge honden bouw je duur en tempo geleidelijk op en houd je rekening met de groei. Bij warm weer wandel je liefst op koelere uren en let je op signalen van vermoeidheid.

Training

De opvoeding van de Kleine Spitz verloopt het best met geduldige, consequente begeleiding en geduld met zijn zelfbewuste kant. Wisselende, korte sessies houden hem geïnteresseerd en helpen het geleerde te bestendigen. Vroege socialisatie met mensen, kinderen en andere honden helpt om alarmgedrag binnen de perken te houden. Algemene tips vind je in het onderdeel gedrag en opvoeding.

Sporten en activiteit

Een typische sporthond is de Kleine Spitz niet. Wandelingen met variatie, snuffelmomenten, kleine trucjes en wat denkwerk geven hem voldoende uitdaging. Houd rekening met warmte en bouw bij jonge honden duur en intensiteit rustig op. Volg wat hij zelf aangeeft, want vertraagt of hijgt hij merkbaar, dan bouw je rustiger op.

Verzorging

Vacht, borstelen en trimmen

De vacht van de Kleine Spitz is een dubbele vacht met lange, rechtopstaande dekharen en een dichte, wollige ondervacht, met een typische manenkraag en bossige staart. Borstel twee tot drie keer per week met een grove kam, en tijdens de seizoensrui in voor- en najaar dagelijks om losse ondervacht te verwijderen en vilten te voorkomen. Knip de vacht niet kort, want hij houdt zo zijn isolerende werking.

Een wasbeurt hoeft niet volgens een vaste kalender te gebeuren. Hoe vaak wassen nodig is, hangt af van vachtconditie, vuil, geur, huidgevoeligheid en levensstijl. Gebruik altijd een milde hondenshampoo die past bij huid en vachttype. Mensenshampoo is meestal niet geschikt. Bij een lange of klitgevoelige vacht kan een geschikte conditioner helpen om de vacht doorkambaar te houden. Spoel shampoo en conditioner altijd grondig uit.

Ogen, oren, tanden en nagels

Ogen en oren: controleer de ogen op roodheid, overmatig tranen of een doffe blik en ga bij twijfel naar de dierenarts. Reinig de oren alleen wanneer dat nodig is met een hondenoorreiniger, en houd ze na buitenwerk in de gaten.

Tanden, nagels en voetzolen: bij een klein ras staan de tanden dicht op elkaar, dus poets liefst dagelijks met hondentandpasta en een zachte borstel en laat het gebit jaarlijks nakijken. Houd de nagels op lengte en het haar tussen de voetzolen kort. Praktische uitleg staat ook bij gezondheid en verzorging.

Gezondheid

Algemene informatie op basis van gangbare veterinaire richtlijnen; ze vervangt geen advies van je dierenarts.

Aandoeningen en aandachtspunten

Een Kleine Spitz gezond houden draait vooral om de dagelijkse basis: evenwichtige voeding, een gezond gewicht, voldoende beweging, gebitszorg en de gewone controle van ogen en oren. Vaccinaties, ontworming en preventie tegen vlooien, teken en wormen stem je af op het advies van je dierenarts, en klachten of opvallend gedrag bespreek je daar tijdig.

Vraag een fokker gericht naar onderzoeken bij de ouderdieren rond knieschijf, ogen en gebit, en naar wat er binnen de lijn bekend is. Bij een klein ras verdienen het gebit en een gezond gewicht doorlopend aandacht, want te zwaar gewicht belast snel de gewrichten. Of een individuele hond risico loopt, hangt vooral af van zijn eigen aanleg en van zorgvuldige selectie.

Voeding en gewicht

De voeding van een Kleine Spitz stem je af op leeftijd, gewicht en eetlust. Een complete voeding voor kleine honden volstaat doorgaans, afgestemd op leeftijd en activiteit. Ook oudere honden hebben soms baat bij aangepaste voeding wanneer ze minder actief worden.

Let vooral op een goede lichaamsconditie: kleine rassen zijn gevoelig voor overgewicht, wat gewrichten en conditie belast. Bij intensieve inspanning, herstel, groei of gezondheidsklachten bespreek je de voeding met je dierenarts of een voedingsdeskundige. Onder de dichte vacht zie je een paar extra grammen minder snel, dus weeg de porties af en wees zuinig met snacks.

Levensverwachting

Voor de Kleine Spitz is geen betrouwbare gemiddelde leeftijd breed vastgelegd. De werkelijke leeftijd hangt af van erfelijke aanleg, lijn, conditie, gewicht en tijdige medische opvolging. Vraag bij een fokker of rasvereniging naar wat er over leeftijd en gezondheid binnen de lijn bekend is.

Gezondheidsonderzoeken en fokkerkeuze

Een fokker die het goed meent, vertelt uit zichzelf welke onderzoeken bij de ouderdieren gedaan zijn en wat hij over de lijn weet. Zie zo'n gesprek niet als een verhoor maar als samen vooruitkijken: jullie willen allebei een gezonde, evenwichtige hond. Bespreek gericht de punten die bij dit ras spelen, zoals de knieschijf, de ogen en het gebit.

Daarbij is een geregistreerd afstammingsdocument wenselijk. Het legt vast wie de moeder, de vader en de voorouders zijn. Vraag ook of het ouderschap via DNA is bevestigd. Zo kun je zelf op inteelt letten en de gezondheidspunten gericht bespreken. Werkt een fokker zonder geregistreerde afstamming, dan ontbreekt die onafhankelijke controle op de afkomst. Een stamboom garandeert geen gezonde hond, maar zonder is er voor jou als koper weinig hard te controleren, en dan kijk je dus extra goed na hoe de fokker met de ouderdieren en de lijn omgaat.

Past dit ras bij jou?

De Kleine Spitz past doorgaans goed bij mensen die een sociale, karaktervolle gezelschapshond zoeken en tijd maken voor vachtverzorging, blafregie en dagelijkse aandacht. Minder op zijn plaats is hij bij wie een hond zoekt die nooit blaft of die de twee ruiperiodes onderschat.

Gezin met kinderen

In een gezin doet deze hond het doorgaans goed bij kinderen die rustig en respectvol met een klein dier omgaan. Hij is geen knuffelpop en moet rust en een eigen plek krijgen, dus begeleid het contact tussen jonge kinderen en de hond altijd.

Andere dieren

Met een rustige, geleidelijke kennismaking bouw je vertrouwen op. Met voldoende socialisatie kan de Kleine Spitz meestal goed overweg met andere honden en huisdieren waarmee hij opgroeit, al maakt zijn alarmgedrag introducties soms luidruchtig.

Wonen

Voor wonen past hij door zijn formaat goed in een appartement of stedelijke woning, mits hij dagelijks wandelingen krijgt en niet lange uren alleen blijft. Zijn meldgedrag kan in dichtbewoonde gebouwen overlast geven, dus vroege blafregie helpt. Een vaste, comfortabele ligplaats helpt bij rust en herstel.

Een Kleine Spitz-pup kopen: waar op letten?

Kies je voor een Kleine Spitz pup, kijk dan verder dan uiterlijk, kleur of snelle beschikbaarheid. Het karakter van de ouderdieren en de manier waarop de pups opgroeien en gesocialiseerd worden, zeggen meer over je toekomstige hond. Een goede fokker legt graag uit waarom juist deze combinatie gemaakt is en welke aandachtspunten binnen het ras spelen.

Fokker kiezen

Een verantwoorde Kleine Spitz fokker is open over de ouderdieren, gezondheid, socialisatie en leefomstandigheden. Je mag de moederhond zien, de pups in hun gewone omgeving bekijken en duidelijke informatie krijgen over voeding, verzorging, opvoeding, documenten en nazorg. Vraag ook hoe de pups gewend worden aan dagelijkse geluiden en kort alleen blijven, want dat scheelt later veel. Geef een goede fokker liever wat tijd dan dat je uitwijkt naar iemand die er minder zorgvuldig mee omgaat.

Vragen aan de fokker

  • Waarom heb je juist deze twee honden samengebracht?
  • Welke gezondheidsonderzoeken zijn bij de ouderdieren gedaan, in het bijzonder rond knieschijf, ogen en gebit?
  • Zijn er aandachtspunten of erfelijke punten bekend in deze lijnen?
  • Hoe zijn het karakter, het blafgedrag en de omgang met bezoek bij de ouderdieren?
  • Hoe groeien de pups op en welke socialisatie krijgen ze mee?
  • Wanneer mogen de pups naar hun nieuwe gezin, en waarom kies je die leeftijd?
  • Welke begeleiding bied je na de aankoop, en blijft er contact mogelijk?

Documenten en afspraken

Bij de overdracht horen heldere afspraken op papier: chip- en registratiegegevens, vaccinatie- en ontwormingsinformatie, een Europees dierenpaspoort, voedings- en verzorgingsadvies, een koopovereenkomst en, waar van toepassing, het stamboom- of afstammingsdocument. Koop in Nederland alleen een hond die gechipt en geregistreerd is en een geldig EU-paspoort heeft. Meld de hond na de overdracht binnen twee weken aan op je eigen naam via een aangewezen portaal. Bij een hond uit het buitenland moet ook de invoerregistratie kloppen. Bekijk de actuele uitleg van RVO. Vraag gerust ook naar inzage in de relevante gezondheidsonderzoeken van de ouderdieren.

Wanneer mag de pup naar huis?

Een Kleine Spitz puppy verhuist best niet te vroeg. Vanaf 8 weken geldt vaak als verantwoord minimum, maar dat betekent niet dat elke pup op die leeftijd al klaar is om het nest te verlaten. Een goede fokker beoordeelt per pup gezondheid, zelfstandigheid, gewicht, karakter en ontwikkeling.

Veel fokkers houden de pups bewust iets langer bij het nest, zeker bij een klein ras. In die extra weken oefent een pup met nestgenoten, ontwikkelt hij bijtremming, went hij aan dagelijkse geluiden en bouwt hij vertrouwen op. Vraag dus niet alleen wanneer de pups beschikbaar zijn, maar ook waarom de fokker voor die leeftijd kiest.

Rode vlaggen

Wees voorzichtig wanneer een aanbieder de moederhond niet toont, geen duidelijke uitleg geeft over gezondheid, veel verschillende rassen tegelijk aanbiedt, nauwelijks vragen stelt, geen documenten meegeeft of haast maakt om snel te beslissen. Ook wisselende afhaaladressen, contact dat alleen via berichten verloopt, opvallend goedkope pups of redenen waarom je het nest niet mag bezoeken, zijn signalen om extra kritisch te kijken.

Let ook op de pups zelf. Een Kleine Spitz die gezond opgroeit, is nieuwsgierig, alert, verzorgd en sociaal. Een pup die erg angstig, lusteloos, vuil, mager of ziek oogt, koop je beter niet uit medelijden, want daarmee houd je een minder zorgvuldige handel juist in stand.

Prijs

Een vaste richtprijs voor een Kleine Spitz puppy noemen we hier bewust niet, omdat die sterk verschilt en snel verandert. De prijs hangt vooral af van de zorg en kosten die een fokker erin steekt: gezondheidsonderzoeken bij de ouderdieren, bloedlijn, socialisatie, begeleiding voor en na de aankoop, vaccinatie, chip, een Europees paspoort en eventueel registratie of het stamboom- of afstammingsdocument.

Duur betekent niet automatisch goed, en een opvallend lage prijs is juist een reden om herkomst, socialisatie, documenten en ouderdieren extra goed na te kijken. Vraag altijd na wat er precies is inbegrepen.

Adopteren of herplaatsen

Een volwassen Kleine Spitz adopteren of herplaatsen kan een goed alternatief zijn voor een pup. Bij een volwassen hond zijn karakter, energieniveau en gewoontes vaak al duidelijker, dus informeer naar de reden van herplaatsing en hoe hij reageert op bezoek, kinderen en andere dieren.

Bij adoptie of herplaatsing betaal je meestal geen puppyprijs maar een adoptiebijdrage, waarvan de hoogte per opvang of organisatie verschilt. Informeer altijd naar de reden van herplaatsing, de gezondheid, het gedrag, het alleen kunnen blijven en de omgang met kinderen en andere dieren.

Welke rassen lijken op de Kleine Spitz?

Wie de Kleine Spitz overweegt, kan ook eens kijken naar de Duitse Spitz, de Grote Spitz en de Middenslag Spitz. Het zijn maatvarianten uit dezelfde spitsfamilie, terwijl formaat en kleur vaak verschillen. Bekijk de aparte rasfiches voor de verschillen.

Veelgestelde vragen over de Kleine Spitz

Past de Kleine Spitz bij beginners?

Dat kan, op voorwaarde dat een beginnend hondenmens tijd maakt voor opvoeding, dagelijkse wandelingen, vachtverzorging en blafregie. Vraag advies bij een rasvereniging of ervaren fokker voor je beslist.

Hoeveel beweging heeft een Kleine Spitz nodig?

Voor een gezonde volwassen Kleine Spitz reken je op meerdere korte tot middellange wandelingen per dag met wat spel of training. Lange sporttochten zijn niet vereist.

Is de Kleine Spitz geschikt als gezinshond?

In een gezin met respectvolle kinderen kan hij een fijne metgezel zijn, mits er voldoende toezicht is. Door zijn formaat past hij minder bij heel jonge of ruw spelende kinderen.

Kan een Kleine Spitz op een appartement wonen?

Dat kan goed, mits hij dagelijks wandelingen en aandacht krijgt en niet lange uren alleen blijft. Stuur zijn blaffen wel vroeg bij, want hij meldt graag.

Hoe verzorg je de vacht van een Kleine Spitz?

Kam twee tot drie keer per week en tijdens de seizoensrui dagelijks om losse ondervacht te verwijderen. Scheer of knip de vacht niet, want zo behoudt hij zijn isolerende werking.

Hoe oud wordt een Kleine Spitz?

Hierover is voor de Kleine Spitz geen betrouwbaar gemiddelde breed vastgelegd. Een fokker of rasvereniging kan vertellen wat er over leeftijd binnen de lijn bekend is.

Wat kost een Kleine Spitz puppy?

Een vaste prijs noemen we bewust niet, omdat die sterk verschilt en verandert. De zorg achter een nest bepaalt veel: gezondheidsonderzoeken, bloedlijn, socialisatie, begeleiding en wat er bij de overdracht is inbegrepen.

Is de Kleine Spitz hypoallergeen?

Nee. Geen enkel ras is volledig hypoallergeen, en deze dubbele vacht verhaart bovendien stevig. Heb je een allergie, plan dan vooraf een proefcontact en overleg met je arts.

Waar vind je een goede Kleine Spitz fokker?

Zoek in de eerste plaats via de rasvereniging, het fokkersnetwerk en hondententoonstellingen. Bezoek de fokker, zie de moederhond en let op openheid over de ouderdieren, gezondheid en leefomgeving van de pups.